info
terminologie
Koelen van glas
Bij het maken van glasobjekten zal het binnenste gedeelte langzamer afkoelen dan de buitenkant, die bloot staat aan de buitenlucht - zo ontstaan spanningen - het spanningsprobleem is een kwestie van viscositiet (de beweeglijkheid der deeltjes); in een koeloven wordt die ‘buitenlucht’ verwarmd en daarna langzaam afgekoeld, zodat een evenwicht ontstaat - wat blijvend is -; men onderscheid een smelttemperatuur, een werktemperatuur, een verwekingspunt en ca 200oC lager de koeltemperatuur (de bovenste ontspanningstemperatuur); bij het koelen moet de ca 50oC naar de onderste ontspanningstemperatuur zeer langzaam verlopen, want daaronder is geen viscose beweging der deeltjes meer en kan het koelen ook sneller gaan; uiteindelijk is de koelgrafiek afhankelijk van de dikte van het objekt! nb met een eenvoudige test is het verwekingspunt van een bepaalde glassoort zelf te bepalen.
bron Lexicon Sybren Valkema