conservering
onderzoek & diagnose
kwetsbaarheden in glas
materiaal technisch onderzoek
visueel onderzoek
RTI onderzoek
XRF onderzoek
SEM-EDX onderzoek
brekingsindex meten
formulieren
advies & behandeling

conservering

onderzoek & diagnose

materiaal technisch onderzoek


introductie

Diagnostisering van de toestand van een individueel object begint vaak met grondig visueel onderzoek. Dit kan met het blote oog, onder vergroting (met behulp van een loupe of microscoop) of met andere technieken worden uitgevoerd. Materiaal-technische expertise staat bij dit onderzoek centraal. Met deze vorm van onderzoek kunnen allerlei fysieke kenmerken in kaart worden gebracht, zoals bijvoorbeeld spanning, breukpatronen, de morfologie van breukoppervlaktes of glasdikte.

Ook klank of geur kunnen bij het bestuderen van glasconditie een rol spelen. Tijdens het diagnostisch proces worden de kwetsbaarheden in een object in kaart gebracht, die vervolgens in verband worden gebracht met het onderliggende conserveringsvraagstuk.

Er zijn veel technieken beschikbaar voor fysisch-chemische analyse van glas, maar er kunnen er vaak maar een beperkt aantal worden ingezet worden bij de bestudering van cultureel erfgoed. Dit komt omdat monstername, waarbij een klein stukje glas uit het object gehaald moet worden, vaak niet mogelijk is. Alleen bij aangetast archeologisch of gebroken glas is er soms monstermateriaal voorhanden. Maar ook in die gevallen is het vaak niet wenselijk om het monstermateriaal te verpoederen, wat voor de uitvoering van bepaalde onderzoekstechnieken nodig kan zijn. De mogelijkheden voor non-destructief onderzoek van glasobjecten zijn dus vaak zeer beperkt. In sommige gevallen kan glasreconstructie een oplossing vormen voor verder, eventueel destructief, onderzoek.

Op het platform worden enkele materiaal-technische onderzoekstechnieken benoemd, zoals microscopie, RTI, XRF en SEM-EDX. Er zijn nog vele andere technieken die in de toekomst aan het platform toegevoegd zouden kunnen worden. (zie ook bij de objecten)
In gevallen waar men de conditie van een grote glascollectie wil bestuderen, is het tijd-technisch soms niet mogelijk om ieder object individueel grondig te bestuderen of blijvend te monitoren. In zulke gevallen kan het wenselijk zijn om de conditie van een kleinere groep representatieve objecten te volgen, die op basis van specifieke criteria zorgvuldig zijn uitgezocht. De gidsgroep van Museum Boijmans Van Beuningen is zo’n groep glasobjecten (op dit platform zijn enkele van deze objecten te bekijken). De hele glascollectie is in 2013 onderzocht en behandeld, maar de gidsgroep wordt, op basis van de bevindingen van toen, blijvend gemonitord. Soms worden er objecten aan de gidsgroep toegevoegd.

Daarnaast kan een instelling er ook voor kiezen om (naast regulier diepte-onderzoek) objecten uit een glascollectie ook aan een sneller uit te voeren onderzoek te onderwerpen. Het Stedelijk Museum Amsterdam heeft hiervoor de zogenaamde Quick Scan Tool ontwikkeld. Alle glasobjecten krijgen een verkorte, specifiek op ‘stabiliteit’ gerichte conditiecheck, waarbij twee kernvragen centraal staan.
1. Is een object stabiel in depot?
2. Is een object stabiel voor presentatie?

Bij (vermoedens van) instabiliteit wordt een vervolgonderzoek voorgesteld voor diepgaandere conditiebestudering en bestudering van de vervaardigingsprocessen van specifieke individuele objecten. Op basis hiervan kan het museum een langetermijnvisie ontwikkelen en conserveringsbeleid maken. 

Voor meer informatie over deze werkwijze: N. Krumperman, coördinerend restaurator 3D vormgeving (collecties), Stedelijk Museum Amsterdam.